Dagboek van een Opperrabbijn, 11 april 2021

Waarom is me niet geheel duidelijk, maar vaker dan ooit ontvang ik via mijn e-mail complimentjes over mijn dagboek. Nou dragen zomaar complimentjes weinig bij aan het welzijn van onze samenleving en voor mij persoonlijk hebben die complimenten ook weinig waarde, behalve dan natuurlijk dat het gevoelens van hoogmoed stimuleert (en dat is niet goed!). Anderzijds is het leuk om een complimentje te krijgen en stimuleert dat om verder te gaan en, en dat is voor mij wel erg belangrijk: ik merk dat sommigen een les uit mijn dagboek halen.  Of beter geformuleerd: via mijn dagboeken ben ik anderen tot steun. En dat is de facto mijn hoofdreden om te continueren met het dagboek!

Ik breng een paar quotes:

  • Grote dank voor deze column. Zeer herkenbaar voor mij als 2e generatie. Ik schrik iedere keer weer hoe het antisemitisme bijna geruisloos toeneemt en zelfs nu stilletjes de Tweede Kamer is binnengedrongen (Forum voor Democratie). Beangstigend.  Ik troost me met de gedachte dat we altijd hebben weten te overleven.  Inquisitie, pogroms, kampen, moorden… we zijn er nog altijd. En -G’d zij dank- we blijven altijd, we zijn niet te verslaan ondanks de ontelbare slachtoffers die ‘onderweg’ vallen.
  • Geregeld lees ik uw “brieven in corona tijd.” En meerdere keren ontroert en raakt het me, of tovert het een glimlach bij wat u schrijft. Zo ook van vandaag. Het onzekere van de corona ontwikkeling. Maar meer nog richtte mijn blik zich op toenemende haat, het antisemitisme. En ook merk ik hoe u zich, al schrijvend, omhoogwerkt, boven dat negatieve uit. Zoals u schreef: Matzes trotseren de eeuwen. Matzes brood van het geloof. Matzes zijn in verhouding tot een heerlijk vruchtengebakje smakeloos. Maar het heerlijke gebakje is aan bederf onderhevig, terwijl de matzes onbeperkt houdbaar zijn. Ondanks alles overleven we. Ik voelde het helemaal toen ik uw dagboek las. Ik reken mijzelf tot de minder gelovige Joden, liberaal, maar ik besefte dat de orthodoxe matzes en alles dat daaraan gekoppeld zit aan Joodse Traditie, ons de eeuwen laat trotseren, ondanks alles.

Gisteren was ik de chauffeur en persoonlijk begeleider van mijn leraar, vriend en collega rabbijn Ies Vorst. We gingen naar Kamp Westerbork. Zesenzeventig jaar geleden werd Westerbork bevrijd. En rabbijn Vorst was een van de sprekers, een van de overlevenden. De NOS had hieraan een uitzending van een uur gewijd. Een indrukwekkende uitzending, ieder detail was doorgenomen en had een plaats. Wat mij vooral trof was (wederom!) de zorgvuldigheid waarmee de sprekers, allen overlevenden, werden omgeven. Voor allen was een persoonlijke begeleider, koffie, thee en een lunch, speciaal voor de Joodse deelnemers zelfs een koosjere maaltijd laten overkomen. Als ik terugdenk schieten de tranen mij in de ogen van dankbaarheid en ontroering. Alle zes sprekers waren indrukwekkend. Maar geen van hen hield eigenlijk een toespraak, geen van hen was voor mijn gevoel een spreker. Het waren stuk voor stuk ‘getuigenissen’ vol emotie, pijn en verdriet. Waarom rabbijn Vorst bereid was de moeizame reis naar Westerbork te maken? Opdat het niet vergeten zal worden! En ook een eerbetoon aan zijn moeder die ergens langs de spoorlijn op een onbekende plaats in een massagraf haar laatste rustplaats heeft gevonden. Twee weken heeft rabbijn Vorst als kind aan het eind van de oorlog rondgedoold in een beestenwagon door Duitsland op weg van concentratiekamp Bergen Belsen naar een gaskamer om vernietigd te worden, de Endlösung. Op de harde grond van de wagon geslapen, wakker wordend tussen ontzielde lichamen. Het getuigt van grote moed om dat verhaal te vertellen ‘opdat het niet vergeten zal worden’ en ‘om herhaling te voorkomen’. De begeleider van rabbijn Vorst, de medewerker van Westerbork, vertelde ons dat Kamp Westerbork toentertijd beschikte over het grootste en beste ziekenhuis van Nederland! Hoe dat kon? Omdat onder de gevangenen vele Joodse artsen waren. De gezondheidszorg stond dus op hoog niveau. De medische zorg was geweldig! En als je dus genezen was van je ziekte, was je rijp voor transport, geschikt voor de gaskamer.

Helaas is Westerbork meer en meer uit het Nederlands besef aan het verdwijnen. Hoeveel van de huidige jeugd weet nog wat Westerbork was? En dus is het geweldig en van essentieel belang dat Westerbork, Vught, Kamp Amersfoort en ook de talrijke zogenaamde ‘werkkampen’ hun dubieuze verleden blijven vertellen. Want het waren in deze Nederlandse Kampen niet alleen de moffen die het kwaad hebben aangericht.  En misschien dat onze Overheid zich iets minder zorgen moet maken over alles wat te maken heeft met doorgeslagen gender neutraliteit en iets meer met het voorkomen van antisemitisme dat weer bijna helemaal Salonfähig is, alleen verstoppen we het nog onder de sluier van antizionisme.

Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel
Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks op
https://niw.nl/category/dagboek/

 

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *