Er staat weer een soeka in Brunssum, Meerssen, Heerlen, Sittard! Dagboek van de Opperrabbijn 26 sept. 2021

Vanwege Soekot ben ik onregelmatig met mijn dagboek, hetgeen mij een gevoel van schuld geeft, want steeds vaker ontmoet ik mensen die me ‘volgen’.  En dus vermoed ik dat ik voor een aantal van hen iets mag betekenen met mijn geschrijf. Daags na de imposante onthulling van het Namenmonument in de voormalige Jodenbuurt van Amsterdam, vertrokken Blouma en ik naar Maastricht om daar de eerste dagen van Soekot, het Loofhuttenfeest, door te brengen in het Crowne Plaza Hotel met een groep van iets meer dan 90 orthodoxe Joden uit België, Engeland, Los Angeles, Zwitserland en Israel. Een Belgische cateraar is de organisator van dit koosjere event, maar hij heeft een hechsjer, een soort Rabbinale Kemakeuring, nodig om gasten te krijgen. En dus waren wij in Maastricht om het kasjroet te controleren, toespraken te houden in de geïmproviseerde Crowne Plaza sjoel. En gezien we toch in Maastricht waren, zijn we uiteraard ook een paar keer in de echte sjoel van Maastricht geweest en bij de lokale rabbijn, Awraham Cohen, thuis. Rabbijn en zijn vrouw Etty werken keihard voor hun gemeente en zijn buitengewoon succesvol. Met Soekot was het in de Maastrichtse sjoel volle bak, ongelofelijk. Na iedere dienst een maaltijd in de soeka van de Joodse Gemeente. Ik vroeg me af waarom hij niet meer bekendheid geeft aan zijn activiteiten, maar kennelijk vindt hij dat niet nodig. En dat herinnert mij aan de onthulling van het Namenmonument. Zoals ik in het (papieren) NIW had geschreven ergerde ik me aan ‘iemand’ die in mijn optiek geen oog had voor de namen van allen die werden vermoord, maar volledig opging in het dansen rondom burgemeester, minister-president en andere belangrijke Nederlanders. ‘Netwerken’ heet zoiets. Nou ben ik de laatste die van mening is dat netwerken onbelangrijk is, maar op zo’n moment, staande voor de namen van onze familieleden die vermoord werden, vind ik het ongepast en eigenlijk onaanvaardbaar. Voor mij is ‘netwerken’’ een middel, want goede contacten met overheden en Vips kunnen gebruikt worden. Maar helaas is voor enkelingen ‘netwerken’ geen middel, maar een doel. En dus moeten er vooral veel foto’s verschijnen waarop x te zien is naast Rutte en andere grootheden. Rabbijn Cohen werkt keihard en is erg succesvol, maar aan PR doet hij dus niet. Overigens was Maastricht één groot terras. Duizenden en duizenden genoten van het prachtige Soekot-weer. Opvallend was hoe vaak we ‘sjalom’ te horen kregen. Israëliërs die in Maastricht wonen of studeren, naar ik aanneem niet echt leven volgens de regels van ons Jodendom, maar bij een ontmoeting met een rabbijn met baard en loelav, toch duidelijk zich verbonden voelen met mij als vertegenwoordiger van hun religie en hun historie. En dat gevoel van verbondenheid is voor mij wederzijds en past geheel binnen de betekenis van Soekot: de eenheid van het Joodse volk, een diepe alles overstijgende verbondenheid.  Wij hadden dus een fijne tijd in Maastricht, maar de arrestatie van veertien potentiële terroristen in Eindhoven baarde me wel zorgen. Geweldig dat de politie kon ingrijpen en zo een ramp heeft weten te voorkomen, maar misschien zijn er andere Jihadisten die iets slimmer te werk gaan en daardoor uit het vizier van de AIVD weten te blijven.  Het kwam wel erg dichtbij, want de afstand Maastricht Eindhoven is maar een uurtje. Inmiddels zijn we in Londen aangekomen om hier de laatste dagen van Soekot met onze in Londen woonachtige kinderen te vieren. In Stamford Hill, een van de orthodox Joodse wijken, heeft bijna ieder huis een eigen soeka en bepaalt Soekot- het Loofhuttenfeest, het straatbeeld. Dat kan van Limburg niet gezegd worden, maar toch: Sinds de oorlog staat er in Meerssen weer een soeka, en in Heerlen zelfs twee, een paar in Maastricht, een in Sittard en ook een in Brunssum! Am Jisraeel Chaj, het Joodse volk leeft! Dankzij rabbijn en mevrouw Cohen in Maastricht en dankzij een voortvarend bestuur van de Joodse Gemeente Limburg die breed en tolerant kan denken, hun rabbijn de ruimte geeft om zich te ontplooien en ieder in sjoel oprecht en van ganser harte verwelkomt.

We hebben een fijne tijd gehad in Maastricht en de Joodse orthodoxe gasten, allen afkomstig uit Joodse centra, waren verbaasd te zien met hoeveel overgave ook buiten de Joodse centra gebouwd wordt aan Joods leven.

 

Gedurende de coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken op https://niw.nl/category/dagboek/

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *