Voetballers zijn net rabbijnen. Dagboek van de Opperrabbijn, 24 november 2021

Gisterochtend was ik al om 7:15 uur op Schiphol. Hoewel mijn vlucht pas om 9:25 uur vertrok, maakte ik dankbaar gebruik van de Lounge om het ochtendgebed, in tallieth en tefillin gehuld, uit te spreken.  Op weg dus naar Londen om de wedstrijd Chelsea-Juventus bij te wonen vanaf de eretribune. Ik had bij voorbaat al kritiek ontvangen van een trouwe dagboeklezer. Hoe ik het in m’n hoofd halen naar mijn gastheren om in een psalmenboek te gaan lezen, zoals ik in mijn vorige dagboek schreef, terwijl de voetballers zich uit de naad lopen om te winnen (of te verliezen). En dus besloot ik om als ik tijdens de wedstrijd toch de psalmen ga induiken, ik dat dusdanig onopvallend moet doen, zodat niemand zich eraan kan ergeren. Bovendien zou ik, mocht ik toch betrapt worden, nog altijd kunnen zeggen dat ik bezig was te bidden voor de overwinning van Chelsea en mocht het echt verkeerd gaan met Chelsea, dan richtte mijn gebed zich op hun geestelijk welzijn, want het is natuurlijk verre van plezierig om tegenover een meute van 42.000 in een thuiswedstrijd te verliezen.

Maar het geheel pakte totaal anders uit. Bij aankomst in het nabij het stadion gelegen Millennium Hotel wemelde het van politie en beveiligers. Wij, de delegatie van de EJA, de European Jewish Association, werden daar verwacht en om 17:30 uur precies, volgens afspraak, werden we opgehaald door een dame die onze delegatie de hele avond zou begeleiden. Bij het stadion aangekomen werden we een gebouw binnengeleid, gang na gang, lift na lift. We kregen onze kaarten, maar uiteindelijk hoefden we nergens echt door een veiligheidscontrole want onze gastvrouw was kennelijk de garantie dat wij ‘koosjer’ waren. Nadat we onze jassen hadden afgegeven, twee van de zes van onze delegatie van een stropdas waren voorzien, want die moest gedragen worden, waren we dan eindelijk in het hart van Chelsea. Een tweede gastvrouw werd aan onze delegatie toegevoegd en we werden voorgesteld aan de chairman van Chelsea. En toen begon het. Jassen weer aangetrokken en vanuit de 5 sterren ontvangstzaal in het stadion naar het voetbalveld. En daar mocht ik de reden van ons bezoek uitvoeren. Aan de chairman, en via hem aan de gehele voetbalclub, mocht ik, namens de EJA, de King David Award 2021 uitreiken. Lees het persbericht en u weet waarom ik voor minder dan 24 uur in Londen vertoefde:

PERSBERICHT:

Opperrabbijn Jacobs “Chelsea voorbeeld voor Nederlandse voetbalclubs! “

De Nederlandse opperrabbijn Binyomin Jacobs doet samen met de voorzitter van de Londense voetbalclub Chelsea een appel aan Nederlandse betaaldvoetbalclubs om een campagne te starten tegen antisemitisme in het algemeen en in voetbalstadions in het bijzonder.

Opperrabbijn Jacobs overhandigde gisteravond voorafgaand aan de Champions League wedstrijd tegen Juventus, de prestigieuze King David Award aan de voorzitter van Chelsea Bruce Buck.

Die award wordt jaarlijks uitgereikt door de European Jewish Association (EJA) aan een persoon of organisatie die zich onderscheidt door te strijden tegen antisemitisme.

Opperrabbijn Jacobs is de voorzitter van de commissie binnen deze organisatie die zich bezighoudt met de bestrijding van antisemitisme. “Elke werknemer bij Chelsea loopt met insignes tegen antisemitisme. De strijd tegen dit kwaad zit inmiddels in het DNA van de club en zou als voorbeeld moeten dienen voor betaal voetbalclubs in ons land en elders ter wereld ”, aldus de opperrabbijn.

In aanwezigheid van Britse Joodse bestuurders vond de overhandiging plaats.

Vorig jaar ging de award naar de Libanese zakenman Abdallah Chatila. Hij kocht op een veiling ter waarde van 600.000 euro’s aan Nazi memorabilia om die vervolgens te schenken aan Joodse organisaties. Daarmee wilde de Libanese tycoon zijn verontwaardiging over de veiling tot uitdrukking brengen. Sindsdien heeft Chatila tal van initiatieven tegen antisemitisme gesteund.

Voor nadere info: Hans Knoop 06 47082871

En wat betreft de wedstrijd Chelsea – Juventus: ik denk dat de voorzitter van Chelsea wel door had dat ik niet bepaald een groot voetbalfan ben en daarom vroeg hij mij regelmatig wat ik van de wedstrijd vond. En weet u, los van de grootse ontvangst die ons ten deel viel, op de eretribune: de wedstrijd heeft indruk op mij gemaakt. Die voetballers trappen niet zomaar tegen een bal. Neen, ze denken vooruit, hebben in gedachten de diverse mogelijkheden en zien waar hun medestanders en tegenstanders zich bevinden en welke moves die tegenstanders kunnen nemen. Eigenlijk, zo dacht ik bij mezelf, het zijn net rabbijnen die ook steeds vooruit moeten denken en snel moeten beslissen om aanvallen te voorkomen en om het doel te bereiken.

 

Gedurende de coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken op https://niw.nl/category/dagboek/

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *