Dagboek 23 december 2020
Ik heb de balans opgemaakt voor 2021
“De Joden zijn de hele geschiedenis door gehaat. Dat komt niet door de mensheid maar door de Joden zelf vanwege het feit dat ze een ras of een etniciteit vormen. Een gesloten systeem dat veel nare eigenschappen in zich heeft, zoals hoogmoed en wat de wereld nooit zal en kan accepteren. Als wij vroeger een Arisch ras hadden gevestigd, zoals Hitler wilde, waren de effecten hetzelfde geweest…Het enige dat vrede brengt in de wereld is afschaffen van het Joodse ras…”. Laat ik nou nooit kijken of er reacties komen op mijn dagboeken of andere artikeltjes. Eén keer doe ik dat wel en zie bovenstaande reactie op CIP, het christelijk informatie platform.
De vraag die in mij opkomt is of deze reactie op een christelijke website een uitzondering is of wordt deze zienswijze breed gedragen maar niet zo breed aan het digitale papier toevertrouwd. Of misschien is dit soort gedachten wel op vele sites en in vele boeken te vinden. Ik ben een beetje verbaasd dat de redactie van CIP, die dit soort opmerkingen zeker afkeurt, niet verwijdert. Maar misschien is het juist beter dat het blijft staan, zodat op z’n minst ondergetekende geconfronteerd werd met de realiteit van het dagelijks leven. Waarom ben ik eigenlijk gaan kijken naar reacties? Omdat het erg stil was, buiten in de straat, maar ook qua telefoontjes en e-mails. Misschien was het trieste weer hier debet aan. Los hiervan is de eindejaar periode altijd een stille tijd. En wat heb ik gedaan om de tijd te vullen, behalve kijken naar mallotige reacties? Ik ben financieel aan de slag gegaan! Daar kijkt u van op, vermoed en hoop ik. Waarom hoop ik dat? Omdat ik het niet passend vind dat een rabbijn in verband wordt gebracht met geld. Mijn lieve moeder heeft mij 46 jaar geleden, toen ik naar Nederland terugkwam om binnen de Joodse gemeenschap te gaan werken, het volgende advies gegeven: Neem nooit geld aan als een fooi, want het zal je altijd blijven achtervolgen! En omdat ik altijd een braaf, gehoorzaam en verlegen jongetje was, heb ik dat ook bijna nooit gedaan. Bijna nooit. Want een keer werd mij na afloop van een huwelijk, dat ik net had ingezegend, ten overstaan van alle gasten met veel bombarie een enveloppe overhandigd. Als mensen aandrongen om toch iets te geven, dan maakte ik dat bedrag over naar een goed doel en liet een kwitantie sturen. Overigens herinner ik mij dat in die enveloppe het gigantische bedrag van Fl. 5 (zegge: vijf gulden) zat. Betekent dit dan dat ik geen geld wil hebben of tegen betaling ben? Zeker niet. Maar ik ben er sterk tegen gekant dat een rabbijn, een dominee, een pastoor of een imam zichzelf degraderen tot zakenlui. Ik weet dat in bepaalde christelijke gemeenschappen de predikant een zeer bescheiden salaris krijgen en ik denk dat dat goed is. Een geestelijke moet geestelijk blijven! Helaas zijn er plaatsen in de wereld waar de rabbijn een hoog salaris krijgt en als hij een aanbieding krijgt voor een positie waar hij meer kan verdienen, vertrekt hij. Begrijp me niet verkeerd, ik wil graag financieel niet in de problemen zitten en ik wil best comfortabel kunnen leven, maar no way wil ik verworden tot een zakenman. Had mijn vader gewild dat ik een zakenman zou worden, dan had hij er zeker op aangedrongen om zijn zaak over te nemen. Hij was opticien/optometrist en had een bloeiende zaak. Hij heeft er bij mij op aangedrongen om rabbijn te worden, gelijk zijn grootvader die Opperrabbijn was van Overijssel en waarnemend Opperrabbijn van Brabant.
Maar waarmee was ik dan financieel bezig, vraagt u zich af. Niet de balans opmaken, want die heb ik nauwelijks, maar met het invoeren van periodieke afschrijvingen. Ik weet namelijk precies wat mijn pensioen en AOW uitkeren. En ik weet ook dat ik van de Joodse wet tussen de 10% en de 20% aan liefdadigheid moet geven. En dus heb ik braaf zitten uitrekenen hoeveel en waarheen ik mijn jaarlijkse tsedaka-liefdadigheid maandelijks ga vastleggen. En daarnaast wil ik natuurlijk een bedrag overhouden voor onvoorziene giften. Overigens heb ik een verkeerde vertaling gegeven van het woord tsedaka. Tsedaka is geen liefdadigheid. Liefdadigheid benadrukt dat het lief is van mij als ik vrijwillig arme mensen steun. De letterlijke vertaling van tsedaka luidt: gerechtigheid. Het is niet meer dan rechtvaardig dat ik het geld dat de Eeuwige mij heeft toevertrouwd deel met de medemens die niet genoeg heeft om van te leven. Sterker nog. Ik ben dankbaar dat iemand mij in de gelegenheid stelt om het gebod van G’d uit te voeren. En dus was ik bezig om mijn financiële beleid voor 2021 vast te leggen. Heb ik toch nog mijn tijd nuttig besteed!
Gedurende coronatijd houdt Opperrabbijn Jacobs een dagboek bij voor het Joods Cultureel Kwartier. NIW publiceert deze bijzondere stukken dagelijks op https://niw.nl/category/dagboek/

Vrijdag was de laatste dag Chanoeka. De acht lichtjes straalden de duisternis in en brachten licht en warmte. Van diverse kanten werd mij gevraagd naar “Wat is het verschil tussen deze Chanoeka en alle andere jaren Chanoeka?”. En dus ben ik gaan evalueren en viel het mij op dat ik, zelfs dit jaar met alle corona-restricties en dus veel minder publiek, toch voorafgaand aan ieder Chanoeka-bijeenkomst door de lokale politie ben gebeld om me te laten weten dat ze aanwezig zullen zijn. En ze waren inderdaad duidelijk overal waar ik de Menora mocht aansteken aanwezig. In Bourtange vormde de aanwezige politie 50% van de aanwezigen met twee politieauto’s en in Eindhoven twee motoragenten! Hebben we dit jaar dan minder mensen bereikt? Ik denk het niet. Ik durf zelfs te beweren: integendeel! Dankzij zoom, YouTube en andere social media hebben we een aanzienlijk groter bereik gehad. Vorige jaren was er zeker ook aandacht in de (lokale) krant en misschien heel af en toe op de lokale televisie, maar dit jaar was er steeds voor gezorgd dat er media-aandacht zou zijn. Los van Facebook had bijvoorbeeld het eerste lichtje 4702 bekijkers op YouTube. De YouTube over de Menora in de Tweede Kamer had op een Facebook 10.000 klikken en een speciale uitzending over Israel in de schaduw van de Menora had meer dan 6700 kijkers. Het bereik was dus groot en het aantal uren auto was iets minder dan vorig jaar, maar toch aanzienlijk. Maar wat ontbrak was de over-sjabbat Chanoeka en de persoonlijke ontmoeting na afloop. Zo’n aansteek plechtigheid duurt alles bij mekaar misschien een half uur, maar de ontmoeting na afloop is normaliter veel langer en vooral persoonlijker. Ik denk terug aan de ontmoeting in Leeuwarden enige jaren geleden. Een mevrouw die al meer dan dertig jaar in Leeuwarden woont, maar nog nooit contact heeft gehad met de Joodse Gemeente. Waarom niet? Bevreesd voor een aanslag heeft ze steeds haar Jood-zijn angstvallig verborgen. Bewust geen mezoeza aan haar deurpost. Maar op dat grote plein tussen de honderden aanwezigen kon ze haar Joodse ei kwijt. Ik denk ook terug aan die bijeenkomst in Elburg. In totaal waren er slechts, voor zover ik kon nagaan, twee Joden aanwezig. Een oude man, ik schat hem eind zeventig, die me huilend de hand drukte. Oorspronkelijk afkomstig uit Polen. We spraken met elkaar in het Jiddisch, terwijl de tranen hem over de wangen biggelden. Al enkele decennia had hij geen Jiddisch meer horen spreken. Van zijn Jodendom was nagenoeg niets meer over, maar de vlammetjes van de Menora doorkliefden zijn hart. Misschien was die ene handdruk veel meer waard dan die 6700 kijkers op de YouTube. En dan de televisie-uitzending op de lokale Omroep Zeeland: geen duizenden, maar wel meer dan 700 kijkers. Het mooie was dat leden van de Joodse Gemeente Zeeland op de uitzendingen, want het werd op zondagochtend zes keer uitgezonden, waren geattendeerd. Nijmegen en Eindhoven hadden ervoor gezorgd om naast de publieke media ook voor hun eigen leden een programma te verzorgen van het aansteken van de Menora, gelijk ook Utrecht en Amersfoort hadden gedaan. En gelijk burgemeester Marcouch van Arnhem en Bruls van Nijmegen hadden aangedrongen om toch vooral ook dit jaar de Menora te laten branden, vernam ik van een collega rabbijn dat de burgemeester van Parijs wil dat volgend jaar de Menora, gelijk dit jaar, weer op de Eiffeltoren zal branden. De Menora moet van de burgemeester, mv. Anne Hilago, een jaarlijks terugkomend evenement worden. Het Jodendom moet in Europa blijven! Maak ik me daarover dan zorgen? Zie het Nederlands Dagblad van vrijdag jl. het artikel met de kop: “Jacobs: Joden zullen uit Europa wegtrekken.” Het gaat over de uitspraak van het Europese Hof dat ieder land zelfstandig mag beslissen of koosjer slachten wel/niet geoorloofd is. Zo’n beslissing maakt me droevig. Maar als ik dan zie met hoeveel egards bijvoorbeeld de burgemeesters van Nijmegen, Eindhoven, Bourtange en Kampen mij ontvingen. Het hoeveel liefde ik welkom werd geheten, hoeveel licht er overal werd verspreid. Als ik die warmte voel dan kan ik slechts denken aan die foto van al die op mekaar liggende geschiedenisboeken over De Griekse Cultuur, de Romeinen, de Babyloniërs, Egypte, de Duitse Endlösung enz. En boven op al die stapel boeken over vergane culturen staat een Menora te branden die al die wereldmachten van weleer heeft overleefd! Am Jisraeel Chaj – Het joodse Volk leeft!